Experts hameren op verduurzaming als proces
Het begrip duurzaamheid valt al heel moeilijk te definiëren, laat staan aantoonbaar te maken. Certificaten, keurmerken en richtlijnen; allemaal helpen ze in bepaalde mate het duurzame karakter van een bedrijf te verbeteren. Maar één maatstaf bestaat niet. "Certificatie voorziet in een groeimodel van continu verbeteren."
Duurzaamheid begint voor Cosun op de akker bij zijn telers. Om dit te onderstrepen toont directievoorzitter Robert Smith tijdens het VMT-congres over aantoonbare duurzaamheid in Maarssen een sheet met de formule van fotosynthese. Gewassen halen hun energie uit zonlicht, energie waar een bedrijf als Suiker Unie, onderdeel van Cosun, optimaal van profiteert. De energiewaarde per hectare suikerbieten bedraagt 368.000 MJ, ongeveer een vijfde daarvan is nodig voor de bietenteelt- en verwerking. "We hebben dus een positieve energiebalans. Wij willen bietenpulp en andere reststromen optimaal benutten", zegt Smith. En dat doet Suiker Unie. Zo wordt de pulp gebruikt als veevoeder en gaat het groene materiaal in een vergister. Het methaangas dat daarbij vrijkomt, levert Cosun aan de glastuinbouw. "Maatschappelijk verantwoord betekent bij ons onder meer: steeds beter en hoogwaardiger benutten van plantaardig materiaal." Smith maakte bij zijn aantreden in 2008 een absolute prioriteit van duurzame ontwikkeling.
ISO 26000
Cosun maakt geen gebruik van certificatie of keurmerken op producten, wel van de internationale richtlijn ISO 26000 bij twee van zijn bedrijven, Suiker Unie en Sensus. De richtlijn geeft houvast bij de inrichting van het duurzaamheidsbeleid; welke zaken zijn bijvoorbeeld relevant en wat vinden stakeholders belangrijk. Aangezien Cosun actief is in West-Europa geeft ISO herkenbaarheid aan internationale klanten. Toch blijft het een relatief vrijblijvend instrument. Externe controles zijn gericht op de naleving van de zelf vastgelegde procedures. Smith ziet de ISO-richtlijn als een middel om te verduurzamen. Hij gelooft niet zo in dat dwingende, verduurzaming moet vanuit het bedrijf zelf komen. "Certificatie is een niche en dekt maar een klein deel van de voedselketen. Bovendien voorziet certificatie in een groeimodel van continu verbeteren", legt Smith uit. Duurzaamheid kan je niet zien of ruiken. Je moet geloven dat er duurzaam is gewerkt, en dat is een dilemma beseft Rob van Tilburg, adviseur duurzaamheid bij adviesbureau DHV. Bedrijven willen het consumenten makkelijker maken om te kiezen voor duurzaamheid door gebruik te maken van logo's. Maar dat maakt het ene bedrijf nog niet meer duurzaam dan het andere. Arla maakt gebruik van een EKOlabel, maar Friesland Campina is weer veel transparanter in zijn duurzaamheidsbeleid, weet Van Tilburg.
Lees volledig artikel onder Downloads.